In de jaren 1930 bouwde men nog midden op het erf een gebouw met kantoorruimte bij en een hangar tegen de silo aan. Maar al voor de tweede wereldoorlog was het duidelijk dat de molen met zijn verouderend machinepark in een krappe behuizing niet opgewassen zou zijn tegen de grote maalderijen uit de buurt zoals Remy in Wijgmaal, Hungaria, Van Orshoven, de Dijlemolens, ...in Leuven. In 1968 werd voor het laatst gemalen. Het maalcontingent werd verkocht, de machines verzegeld, de leren riemen en ziften uit de plansichters verwijderd... In 1973 stierf de laatste bewoonster van de molenaarswoning en kon de natuur zijn gang gaan. Het gebouw raakte zienderogen in verval, geholpen door kleine en grote vandalen, zwervers, ... Vanaf 1976 gingen de eerste stemmen op in Rotselaar om het gebouw te laten beschermen als monument. Bij de vastlegging van het gewestplan werd de molen ingekleurd in natuurgebied. Dit belette de op stapel staande afbraak en verkaveling van het terrein waarop de molen stond. De molen werd dan maar te koop gezet. |